JB Opleidingen

Eerste hulp bij sportletsels

Jaarlijks gebeuren er in Nederland tijdens het beoefenen van sport ongeveer 2,7 miljoen ongevallen, ruim 50.000 per week, waarvan de helft in het weekend.

Van elke tien sporters raken er jaarlijks zes geblesseerd.

Twee van hen moeten zich hiervoor onder medische behandeling stellen.

 

Bij sportbeoefening kunnen allerlei letsels voorkomen, echter bij sommige sporten komen bepaalde vormen van plaatselijk letsel opvallend vaak voor.

Dit hangt samen met voor die tak van sport specifieke bewegingen of handelingen.

De kans op narigheid is het grootst bij bijvoorbeeld een massastart of eindsprint of bij een gevaarlijke bocht in een fietsparcours.


Ook van invloed zijn:

  • Conditie van de sporter.
  • Een goede warming-up.
  • Voortdurend herhalen van dezelfde beweging.
  • Weersomstandigheden.

Een goede eerste hulp bij sportletsel is in de eerste plaats nodig om de directe gevolgen van een sportletsel zo beperkt mogelijk te houden, verder om de hersteltijd te verkorten en de schade voor de lange termijn te beperken.